(Het Orakel van Delft, 17 november 1970)

Disclaimer

DISCUSSIE TUSSEN TWEE STUDENT-ACTIVISTEN


Aktivist A: De politizeringsingangen bij de techniese intelligentsia zijn driejerlei:
  1. diskrepansie tussen studieverwachting en studiepraktijk;
  2. diskrepansie tussen beroepsverwachting en beroepspraktijk;
  3. de grote maatschappelijke problemen, zoals miljeuhigienne, geplande slijtage, militaire riesurtsj en zo.

Aktivist B: Dat is een tiepies burgerlek standpunt. Heb je het artikel van Josha Schmierer niet gelezen? De studentenbeweging is in wezen een kleinburgerleke protestbeweging, die ontstaat uit een botsing van de kleinburgerleke idiologie met de
kapitalistiese rejaliteit! Vandaar ook dat de studentenbeweging alleen op gang komt in die fakulteiten die niet rechtstreeks opleiden voor het produksieproses! Om sosjalisties te worden hebben de studenten klassenverraad moeten plegen! En zo zal de politizering van de techniese intelligentsia gepaard moeten gaan met klassenverraad, en dat impliseert dat het revoluutsjoner potensjeel onder de techniese intelligentsia niet groot kan zijn, zeker niet groot genoeg om er een revoluutsjonerre strategie op te bouwen – dat kan alleen op de arbeiders!

Aktivist A: Idioot! Natuurlek kan er geen revoluutsjonerre strategie gebouwd worden op alleen maar de techniese intelligentsia! Iedere revoluutsjonerre strategie moet gebouwd worden op de arbeidersklasse! Maar de techniese intelligentsia maakt deel uit van de arbeidersklasse! Heb je het stuk van Hans-Jürgen Krahl niet gelezen? De wetenschap is een belangrijke produksiefaktor geworden, en de wetenschapper maakt daarom deel uit van de totaalarbeider! Daarom is de intellektuwele arbeider een rejele konstituent in de opbouw van een proletaries klassenbewustzijn.

Aktivist B: Burgerleke reaksjoner! Jij hebt je dus ook al geschaard in het koor van de Habermassen die Marx willen overstijgen! *)
Heb je het boekje Over produktieve en onproduktieve arbeid niet gelezen? Daarin staat een vernietigende kritiek van de marksisten-leninisten aan de Freie Universität van Berlijn op de teorie van de ‘wetenschap als produksiefaktor’.

Aktivist A: Zeg, het is al kwart over zes. Ik heb trek in sjinees eten. Ga je mee naar Ou Hay Lao?

Aktivist B: Ja, dat is een goed idee!


*) Een grove belediging! Marx is immers een nec plus ultra!

I. Schurer

♦ ♦ ♦ ♦ ♦ ♦

KANTTEKENINGEN. Om te beginnen maar de opmerking dat de spelling in het originele stukje nog veel bizarder was dan hier. Ter wille van de leesbaarheid heb ik het omgezet in de spelling die in 1970 in progressieve kringen gangbaar was (en nu hopeloos gedateerd aandoet).
Verder geeft dit stukje in een notendop de Krahl-Schmierer-discussie weer, waar de studentenbeweging in 1970 erg druk mee was. Ere wie ere toekomt: juist in Delft is er verhoudingsgewijs weinig tijd in gestoken. Daar was de reactie: ‘De meesten vinden dat Schmierer gelijk heeft. Dat zal dan wel zo zijn. Kom, we gaan weer aan het werk.’ In andere steden heeft de discussie een aantal activisten ertoe gebracht de universiteit maar vaarwel te zeggen en een baan te zoeken. De revolutie kan immers nooit op de universiteiten beginnen; lees Schmierer er maar op na.
Af en toe spreek ik nog wel eens mensen die toen actief waren in de studentenbeweging. Als ze terugkijken op die tijd, vinden ze de discussie tamelijk potsierlijk. Dat vond ik toen al.
Ou Hay Lao was het favoriete restaurant van de Delftse activisten.
I. Schurer ten slotte is een anagram van S. Reurich. Ook later heb ik nog wel onder die naam gepubliceerd. Zie bijvoorbeeld het artikel ‘Het menselijk tekort en het ontwerp van computersystemen’.